Naar de hoofdinhoud
Nabestaandenplanner
Menu

Schenkingen binnen 180 dagen voor het overlijden

Overlijdt de schenker binnen 180 dagen na een schenking, dan ziet de Belastingdienst die schenking als onderdeel van de erfenis. De al betaalde schenkbelasting wordt verrekend met de erfbelasting, maar niet terugbetaald.

Laatst gecontroleerd op 15 sep 2026 · bron: Belastingdienst

Team NabestaandenPlannerredactie · bijgewerkt op 15 sep 2026Over de Regelcheck

Schenken bij leven is een bekende manier om vermogen over te dragen. Er zit één grens aan die veel mensen pas ontdekken als het te laat is: de 180-dagenregeling.

De regel

Overlijdt de schenker binnen 180 dagen na de schenking, dan behandelt de Belastingdienst die schenking als onderdeel van de erfenis. De schenking telt dan mee bij de berekening van de erfbelasting.

Dat betekent niet dat u dubbel betaalt. Bij de berekening van de erfbelasting wordt rekening gehouden met de schenkbelasting die al is betaald. Wat wel geldt: dat eerder betaalde bedrag wordt niet terugbetaald.

De 180 dagen tellen vanaf de dag van de schenking. Een schenking in januari bij een overlijden in augustus valt er dus buiten; een schenking in juni bij datzelfde overlijden valt er binnen.

Waarom deze regel bestaat

Zonder die regel zou iemand op zijn sterfbed nog snel vermogen kunnen wegschenken en zo de erfbelasting kunnen omzeilen. De 180 dagen zijn de grens die de wetgever daarvoor heeft getrokken.

Dat maakt de regel ook minder streng dan hij lijkt. Wie jaren vooruit schenkt, heeft er nooit last van. De regel raakt vooral schenkingen die kort voor een verwacht overlijden worden gedaan.

Twee uitzonderingen

De schenking wordt niet als onderdeel van de erfenis gezien in twee gevallen.

De ontvanger is een ANBI. Een schenking aan een algemeen nut beogende instelling valt buiten de regeling, ook als de schenker kort daarna overlijdt. Zie Nalaten aan een goed doel en de ANBI-vrijstelling.

De ontvanger gebruikt een eenmalig verhoogde vrijstelling. Denk aan de verhoogde vrijstelling voor een kind. Daarvoor moet wel aangifte schenkbelasting worden gedaan.

Of een van deze uitzonderingen in uw situatie speelt, hangt af van wat er precies is geschonken en aan wie. Doe de Regelcheck om te zien wat er bij u meetelt. Gratis, en u ziet uw uitkomst vóór u betaalt.

Zo verwerkt u het in de aangifte

  1. Zoek de schenkingen op van de laatste zes maanden vóór het overlijden. Kijk in de bankafschriften en vraag het na bij de andere erfgenamen.
  2. Noteer datum en bedrag van elke schenking, en aan wie die is gedaan.
  3. Bepaal of de 180 dagen zijn verstreken. Tel vanaf de dag van de schenking tot de overlijdensdatum.
  4. Controleer de uitzonderingen: ging het naar een ANBI, of is er een eenmalig verhoogde vrijstelling gebruikt?
  5. Neem de schenking op in de aangifte erfbelasting. De executeur of de erfgenamen doen dat; de schenking telt mee bij de verkrijging van de ontvanger.

Een rekenvoorbeeld

Een vader schenkt zijn dochter in maart € 30.000 en overlijdt in juni. Tussen de schenking en het overlijden zitten minder dan 180 dagen.

De dochter erft daarnaast € 40.000 uit de nalatenschap. Voor de erfbelasting telt haar verkrijging op tot € 70.000: de schenking plus het erfdeel.

Na aftrek van haar vrijstelling van € 26.230 blijft € 43.770 belast. Tegen 10% is dat € 4.377. De schenkbelasting die zij in maart al betaalde, wordt daarmee verrekend.

Was de vader in oktober overleden, dan had de schenking buiten de erfbelasting gestaan en was alleen het erfdeel van € 40.000 belast geweest.

Wat de regel níét raakt

De 180-dagenregeling wordt makkelijk groter gemaakt dan hij is. Vier dingen vallen er buiten.

Oudere schenkingen. Een schenking van drie jaar geleden telt niet mee voor de erfbelasting, hoe groot die ook was.

De jaarlijkse vrijstelling. Schenken binnen de jaarlijkse vrijstelling voor de schenkbelasting blijft gewoon mogelijk. Valt zo’n schenking binnen de 180 dagen, dan telt het bedrag mee voor de erfbelasting. Uw vrijstelling voor de erfbelasting geldt daar gewoon overheen.

Schenkingen aan een ANBI. Die vallen buiten de regeling.

Een eenmalig verhoogde vrijstelling. Ook die is uitgezonderd, mits er aangifte schenkbelasting is gedaan.

Het is dus geen verbod op schenken en geen strafheffing. Het is een correctie die voorkomt dat de erfbelasting op het laatste moment wordt ontweken.

Hoe u erachter komt

Bij een overlijden is dit een van de posten die het makkelijkst over het hoofd wordt gezien. Zeker als de schenking naar iemand anders ging dan naar degene die de aangifte invult.

Begin bij de bankafschriften van het laatste halfjaar. Grote overboekingen naar familieleden vallen daar meteen op.

Vraag het daarna expliciet aan de andere erfgenamen en aan eventuele legatarissen. Formuleer het neutraal: het gaat niet om verdenking, maar om een vraag die in de aangifte beantwoord moet worden.

Is er schenkbelasting aangegeven, dan is die schenking bij de Belastingdienst bekend. Een ontbrekende vermelding valt daar dus op, met vragen en vertraging als gevolg.

Kijk ten slotte naar schenkingen op papier. Die zijn niet aan een bankafschrift te herkennen en staan meestal in een notariële akte.

Wat u ermee doet in de praktijk

Ontdekt u een schenking binnen de 180 dagen, dan is de vervolgstap eenvoudig. Neem hem op in de aangifte erfbelasting, met datum en bedrag. Vermeld erbij of er schenkbelasting over is betaald.

Is die schenkbelasting betaald, voeg dan de aangifte of de aanslag toe aan uw stukken. De verrekening gebeurt bij het vaststellen van de erfbelasting; met dat document is het snel te controleren.

Was er geen schenkbelasting verschuldigd omdat het bedrag onder de jaarlijkse vrijstelling bleef, dan is er niets te verrekenen. De schenking telt dan wel mee voor de erfbelasting.

Bij een schenking op papier is er vaak jarenlang rente bijgeschreven. Zowel de hoofdsom als de rente hoort in beeld te komen; de hoofdsom is bovendien een schuld van de nalatenschap.

Twijfelt u of iets een schenking was of een lening, zoek dan de onderbouwing op. Dat verschil bepaalt of het bedrag bij de verkrijging hoort of bij de schulden.

Wat er vaak misgaat

De schenking wordt niet gemeld omdat er al schenkbelasting over is betaald. Beide horen in de aangifte; de verrekening gebeurt daarna.

Er wordt gerekend met 180 dagen na het overlijden in plaats van ervóór. De regel kijkt terug, niet vooruit.

Schenkingen aan andere erfgenamen blijven buiten beeld omdat niemand ervan wist. Vraag het expliciet na; de Belastingdienst ziet de schenkingsaangiften wel.

Er wordt aangenomen dat schenken vlak voor een overlijden altijd zinloos is. Voor een ANBI en bij een eenmalig verhoogde vrijstelling geldt de regel niet.

De schenking op papier wordt vergeten. Ook die telt mee, met de rente die verschuldigd was.

Veelgestelde vragen

Geldt de regel ook voor kleine bedragen?

De regel kijkt niet naar de omvang. Wel geldt daarnaast gewoon uw vrijstelling voor de erfbelasting: blijft het totaal daaronder, dan betaalt u niets.

Mijn moeder schonk jaarlijks in december. Zij overleed in februari.

Dan valt de schenking van december binnen de 180 dagen en telt die mee. De schenkingen van eerdere jaren niet.

Wordt de betaalde schenkbelasting verrekend of terugbetaald?

Verrekend met de erfbelasting. Is er per saldo minder erfbelasting verschuldigd dan er al aan schenkbelasting is betaald, dan krijgt u dat verschil niet terug.

Telt een schenking aan een kleinkind ook mee?

Ja, met het tarief dat bij een kleinkind hoort: 18% boven de vrijstelling. Zie Erfbelasting voor kleinkinderen.

Hoe weet ik of er is geschonken?

Kijk in de bankafschriften van het laatste halfjaar en vraag het na bij de andere erfgenamen. Is er schenkbelasting aangegeven, dan is dat bij de Belastingdienst bekend.

Lees hoe de Regelcheck werktDe Regelcheck opent binnenkort

Nabestaandenplanner

Nabestaandenplanner.nl helpt u administratieve zaken te organiseren. De informatie is algemeen en vervangt geen juridisch, fiscaal of financieel advies. Keuzes die u maakt op basis van deze website zijn voor eigen rekening en risico. Lees de voorwaarden, waaronder onze aansprakelijkheid.