Overlijdensuitkering van de werkgever
Overlijdt een werknemer, dan is de werkgever wettelijk verplicht de nabestaanden een uitkering te betalen ter grootte van het loon over de periode vanaf de dag na het overlijden tot en met 1 maand daarna. Voor de loonbelasting is 3 keer een bruto maandloon vrijgesteld; voor de erfbelasting is tot 1 bruto maandloon met vakantiegeld vrijgesteld.
Laatst gecontroleerd op 19 sep 2026 · bron: Burgerlijk Wetboek Boek 7, artikel 674
Wie een werkende partner of ouder verliest, krijgt van de werkgever meer dan alleen het laatste salaris. De wet verplicht de werkgever tot een overlijdensuitkering, en die is grotendeels belastingvrij.
Veel nabestaanden weten dat niet, en veel werkgevers vermelden het niet uit zichzelf.
Wat de wet zegt
De arbeidsovereenkomst eindigt door de dood van de werknemer. Dat staat in artikel 674 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.
Toch is de werkgever verplicht aan de nagelaten betrekkingen een uitkering te verlenen. Die loopt over de periode vanaf de dag na het overlijden tot en met één maand na de dag van het overlijden. De hoogte is het loon dat de werknemer laatstelijk toekwam.
Het gaat dus om één maand loon, bovenop wat al was verdiend. Het is geen gunst van de werkgever maar een wettelijke plicht.
Wie het krijgt
De wet noemt de “nagelaten betrekkingen” in een vaste volgorde.
| Volgorde | Wie |
|---|---|
| 1 | De langstlevende echtgenoot of geregistreerd partner, mits niet duurzaam gescheiden, of degene met wie de werknemer ongehuwd samenleefde |
| 2 | Als die er niet is: de minderjarige kinderen |
| 3 | Als die er niet zijn: degene met wie de werknemer in gezinsverband leefde en in wiens kosten van bestaan hij grotendeels voorzag |
Ongehuwd samenleven betekent hier: een gezamenlijke huishouding voeren, met hoofdverblijf in dezelfde woning en zorg voor elkaar. Bloedverwanten in de eerste graad, zoals ouder en kind, vallen daar niet onder.
De uitkering gaat rechtstreeks naar deze persoon. Zij hoort niet bij de nalatenschap en wordt niet verdeeld onder de erfgenamen.
Wat de belasting doet
Hier zit het voordeel dat vaak wordt gemist.
Voor de loonbelasting is drie keer een bruto maandloon vrijgesteld. De werkgever houdt in dat geval geen loonbelasting in. Voorwaarde is dat de werknemer op het moment van overlijden nog in dienst was.
Voor de erfbelasting hoeft u over de wettelijke overlijdensuitkering tot één bruto maandloon met vakantiegeld geen erfbelasting te betalen. Betaalt de werkgever meer, bijvoorbeeld op grond van een cao, dan geeft u het meerdere op in de aangifte erfbelasting.
Bij de bepaling van “loon over een maand” moet de werkgever rekening houden met een eventuele korting naar 70 procent bij ziekte. Ook een toekomstige salarisstijging telt mee.
Zo regelt u het
- Meld het overlijden bij de werkgever, bij de leidinggevende én bij de personeelsadministratie.
- Vraag om de eindafrekening. Daarin horen het loon tot de dag van overlijden, het opgebouwde vakantiegeld en de overlijdensuitkering.
- Controleer de overlijdensuitkering: één maand loon, zonder inhouding van loonbelasting tot drie maandlonen.
- Kijk in de cao of het arbeidscontract of er een hogere uitkering is afgesproken. Sommige cao’s kennen twee of drie maanden.
- Geef het deel boven één bruto maandloon met vakantiegeld op in de aangifte erfbelasting.
- Bewaar de eindafrekening en de jaaropgave bij het dossier.
De uitkering kan lager uitvallen
De wet staat toe dat de werkgever de overlijdensuitkering vermindert. Dat mag met wat de nabestaanden vanwege het overlijden ontvangen uit een wettelijke ziekte- of arbeidsongeschiktheidsverzekering, en uit vergelijkbare regelingen.
Ontvangt de partner bijvoorbeeld een overlijdensuitkering van het UWV omdat de werknemer een uitkering had, dan mag de werkgever die verrekenen.
Vraag de werkgever daarom om een specificatie als de uitkering lager is dan een maand loon. Zonder specificatie kunt u niet nagaan of de verrekening klopt.
Welke uitkeringen in uw situatie samenlopen, hangt af van het inkomen van de overledene. Doe de Regelcheck om te zien wat er bij u speelt. Gratis, en u ziet uw uitkomst vóór u betaalt.
Verschil met het laatste salaris
De overlijdensuitkering wordt vaak verward met het laatste salaris. Het zijn twee verschillende bedragen met verschillende regels.
Het laatste salaris is het loon tot en met de dag van overlijden, plus het opgebouwde vakantiegeld. Dat is postuum loon: de werkgever houdt er loonbelasting op in, en het hoort bij de nalatenschap.
De overlijdensuitkering is het loon over de maand ná het overlijden. Die gaat naar de nabestaande die de wet noemt, is tot drie maandlonen vrij van loonbelasting en hoort niet bij de nalatenschap.
Op de eindafrekening horen beide apart te staan.
Als de werkgever niet betaalt
Betaalt de werkgever de uitkering niet, wijs dan schriftelijk op artikel 7:674 van het Burgerlijk Wetboek. De verplichting is wettelijk en geldt ongeacht wat er in het contract staat.
Blijft betaling uit, dan kunt u de vordering laten innen. Een rechtsbijstandverzekering of een vakbond helpt daarbij. Let op: het gaat hier om een vordering van de nabestaande zelf, niet van de nalatenschap.
Is de werkgever failliet, vraag dan bij de curator en bij het UWV na of de uitkering onder een overname van betalingen valt.
Wat er vaak misgaat
De eindafrekening bevat alleen het laatste salaris, en niemand vraagt naar de overlijdensuitkering.
De werkgever houdt loonbelasting in op de uitkering, terwijl die tot drie maandlonen is vrijgesteld.
De uitkering wordt bij de nalatenschap opgeteld en verdeeld, terwijl zij rechtstreeks aan de partner toekomt.
Het deel boven één maandloon met vakantiegeld wordt niet opgegeven in de aangifte erfbelasting.
Een samenwonende partner denkt geen recht te hebben, terwijl de wet ongehuwd samenlevenden gelijkstelt met echtgenoten.
Als de overledene ambtenaar of zelfstandige was
Voor ambtenaren geldt sinds de normalisering van de rechtspositie dezelfde wettelijke regeling als voor andere werknemers. Daarnaast kennen veel cao’s in de publieke sector een eigen, vaak ruimere overlijdensuitkering. Kijk in de cao die op de overledene van toepassing was.
Voor zelfstandigen bestaat de regeling niet. Er is geen werkgever en dus geen wettelijke overlijdensuitkering. Wat er is, komt uit een eigen verzekering, een arbeidsongeschiktheidsverzekering met overlijdensdekking of een broodfonds.
Was de overledene directeur van een eigen bv, dan is de bv de werkgever. De uitkering is dan verschuldigd door de bv, en de nabestaanden hebben er als erfgenaam van de aandelen zelf de zeggenschap over.
Veelgestelde vragen
Hoeveel is de overlijdensuitkering van de werkgever?
Het loon over de periode vanaf de dag na het overlijden tot en met één maand daarna. Een cao of arbeidscontract kan meer toekennen.
Wie ontvangt de uitkering?
De echtgenoot, geregistreerd partner of ongehuwd samenlevende partner. Is die er niet, dan de minderjarige kinderen, en anders degene met wie de werknemer in gezinsverband leefde en die hij grotendeels onderhield.
Is de uitkering belast?
Voor de loonbelasting is drie keer een bruto maandloon vrijgesteld. Voor de erfbelasting is tot één bruto maandloon met vakantiegeld vrijgesteld; het meerdere geeft u op.
Hoort de uitkering bij de erfenis?
Nee. De overlijdensuitkering komt rechtstreeks toe aan de nabestaande die de wet noemt en wordt niet verdeeld onder de erfgenamen. Het laatste salaris en het vakantiegeld horen wél bij de nalatenschap.
Lees hoe de Regelcheck werktDe Regelcheck opent binnenkort